Gluren bij de Buren (6): Ruimte voor de Rivier IJsseldelta

Gluren bij de Buren (6): Ruimte voor de Rivier IJsseldelta

Kan het project Aanpak Ring Zuid iets leren van een project op het gebied van water? Ja, zegt Ton Swanenberg. Hij is sinds maart 2014 projectdirecteur van Aanpak Ring Zuid en daarvoor van ‘Ruimte voor de Rivier – IJsseldelta’. In de zesde aflevering van de rubriek ‘Gluren bij de buren’ zetten we daarom koers naar Overijssel.

Om te beginnen een stukje aardrijkskunde. De IJssel, ook wel de Gelderse IJssel genoemd, is 125 km lang. De rivier takt bij Westervoort (bij Arnhem) af van de Rijn en stroomt via een lichte boog in noordelijke richting naar het Ketelmeer, om bij Kampen uit te monden in het IJsselmeer. De rivier komt onder meer langs Zutphen, Deventer en Zwolle.

De IJssel loopt van Westervoort (bij Arnhem) naar het Ketelmeer.
De IJssel loopt van Westervoort (bij Arnhem) naar het Ketelmeer.

Aanleiding

Het landelijke programma ‘Ruimte voor de Rivier’ is opgezet nadat enkele rivieren in 1993 en 1995 op het randje van overstromen stonden. In het project krijgen de IJssel, de Waal en de Nederrijn op ruim dertig plaatsen in Nederland een ruimere bedding. Dat levert een veiliger rivierengebied op én een aantrekkelijke leefomgeving. Dankzij het project zijn vier miljoen bewoners van het rivierengebied beter beschermd tegen overstromingen.

Het landelijk programma Ruimte voor de Rivier bestaat uit zo’n 40 projecten in het rivierengebied. Bron: Ruimte voor de Rivier.
Het landelijk programma Ruimte voor de Rivier bestaat uit zo’n 40 projecten in het rivierengebied. Bron: Ruimte voor de Rivier.

Project in hoofdlijnen

Het project Ruimte voor de Rivier IJsseldelta bestaat uit twee maatregelen om de waterveiligheid in de regio Kampen-Zwolle te verbeteren. Ten eerste wordt de rivier over een lengte van 7,5 kilometer verdiept. Dit zorgt voor een lagere waterstand. Om de rivier dieper te maken, wordt het zogenaamde ‘zomerbed’ van de rivier uitgegraven. Het zomerbed is de bodem van de rivier in de zomermaanden. Dit is het gedeelte van de rivier waar altijd water staat en waar de schepen varen. In de winter en in het vroege voorjaar wordt er meer water aangevoerd en kan de rivier breder worden. Dan komen ook de graslanden langs de rivier (de uiterwaarden) onder water te staan. Het project versterkt ook de natuurwaarden in vijf uiterwaarden.

De tweede maatregel is de aanleg van het Reevediep, een ‘bypass’ van de IJssel met het IJsselmeer. Zo kan bij hoge waterstanden het water in de rivier sneller worden afgevoerd. Het project zorgt ook voor de aanleg van zo'n 350 hectare nieuwe deltanatuur, nieuwe wandel-, struin- en fietspaden en een vaargeul voor de recreatievaart. Op een klimaatdijk wordt ruimte gecreëerd voor een nieuwe woonwijk voor Kampen.

Het project ‘Ruimte voor de Rivier – IJsseldelta’ in kaart.
Het project ‘Ruimte voor de Rivier – IJsseldelta’ in kaart.

Omdat de rivier de provinciegrens overschrijdt, zijn er maar liefst drie provincies, drie waterschappen en vijf gemeentes bij betrokken. Opdrachtgevers van het project zijn Rijkswaterstaat en de provincie Overijssel. Het project is nu volop in uitvoering. In oktober 2016 moet het verlaagde zomerbed klaar zijn. Het Reevediep is uiteindelijk in 2023 inzetbaar.

Virtuele Maquette IJsseldelta

Virtuele Maquette IJsseldelta

Overeenkomsten en verschillen

Natuurlijk zijn er duidelijke verschillen tussen ‘Ruimte voor de Rivier – IJsseldelta’ en Aanpak Ring Zuid. Het project in Overijssel gaat over water, veiligheid tegen overstromingen, natuurontwikkeling, uitbreiding van de recreatiemogelijkheden (varen, fietsen, wandelen) en ruimtelijke kwaliteit. Het project in Groningen gaat over doorstroming, bereikbaarheid, veiligheid, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit.

Projectdirecteur Ton Swanenberg ziet ook veel overeenkomsten. “Het zijn allebei omvangrijke projecten, die lang duren en waar veel mensen en organisaties bij betrokken zijn. De projecten hebben veel impact op de omgeving en bieden ook weer nieuwe kansen. Het gaat niet alleen om de weg of de rivier, maar vooral om het mogelijk maken dat het gebied zich kan doorontwikkelen. De weg en de rivier staan ten dienste van de ontwikkeling van stad en regio. De projecten duren maar enkele jaren, het gebied moet nog veel langer mee. Je moet kijken naar de situatie waarin het project al lang vergeten is. Dan moet er iets moois liggen.”

Ton Swanenberg, projectdirecteur Aanpak Ring Zuid. Foto: Jeroen van Kooten.
Ton Swanenberg, projectdirecteur Aanpak Ring Zuid. Foto: Jeroen van Kooten.

Wat Swanenberg ook als een overeenkomst ziet zijn de ‘verrassingen’. “Je weet nooit precies hoe het project gaat verlopen. In Overijssel moesten we bijvoorbeeld een archeologisch onderzoek doen in de rivierbodem. We hadden hooguit enkele kleine obstakels verwacht. Maar tot ieders verrassing werd hier het wrak van een eeuwenoud zeilschip gevonden, een kogge. Mijn eerste gedachte was: ‘dit gaat ons veel tijd en geld kosten’. En dat klopte ook. Maar tegelijkertijd was het een historisch bijzondere vondst. Iedereen had het erover. De IJsselkogge. Hollands glorie uit de vijftiende eeuw. Uiteindelijk groeide dat schip uit tot het icoon van ons project. In de samenwerking met andere organisaties heeft het enorm geholpen. Het gaf het project veel bekendheid en veel sympathie. Dit geeft maar weer aan dat je nooit bij de pakken moet neerzitten als iets tegenzit. Je moet altijd blijven kijken naar de kansen die er ontstaan.”

Onder grote belangstelling wordt de kogge van de rivierbodem gelicht. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.
Onder grote belangstelling wordt de kogge van de rivierbodem gelicht. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.

Als projectdirecteur ziet hij ook een overeenkomst bij de mensen in de projectorganisatie. “Bij elk project zijn er altijd enkele bijzondere mensen van het eerste uur die het project dragen. Zij kennen het project vanaf het begin en blijven aan boord tot het einde. Zulke ankerpunten zijn onmisbaar. Zij hebben een ontzettend positieve invloed op het welslagen van het project. Zulke mensen hadden we in Overijssel en gelukkig hier in Groningen ook.”

Overlast beperken

In beide projecten is het beperken van de overlast voor de omgeving een belangrijke eis. “In Overijssel en in Groningen hebben we de aannemer uitgedaagd om de overlast zo veel mogelijk te beperken. Bij de gunning hebben we dat zwaar mee laten wegen. Dan blijkt dat aannemers heel vindingrijk zijn.”

Een goed voorbeeld in Overijssel is volgens Swanenberg de aan- en afvoer van het zand. “Normaal wordt het zand aangevoerd via vrachtwagens en dat zorgt voor veel bouwverkeer. De aannemer heeft bedacht om het zand aan te voeren via een pijpleiding. Dat scheelt een hoop overlast en het is beter voor het milieu. Het zand dat bij het baggeren uit de rivier komt, is bovendien hergebruikt voor het verstevigen van de dijken. Dat betekent ook minder afvoer van zand. En het is natuurlijk goedkoper.”

Slimme oplossing: door zand aan te voeren via een pijpleiding, hoeven er minder vrachtwagens te rijden. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.
Slimme oplossing: door zand aan te voeren via een pijpleiding, hoeven er minder vrachtwagens te rijden. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.

“Een ander voorbeeld van de vindingrijkheid bij het project in Overijssel was het vervangen van de wegverbinding Nieuwendijk door een brug. Dit is een drukke fietsverbinding voor scholieren. Hier waren veel zorgen over omdat extra bouwverkeer tot gevaarlijke situaties kan leiden. De aannemer kwam met een slim voorstel: leg een nieuwe, tijdelijke weg aan en bouw de nieuwe brug buiten het verkeer om. Dat was een veilige oplossing waar we natuurlijk ontzettend blij mee waren. Je moet in zo’n project dus niet proberen alles zelf te bedenken en alles vooraf te regelen.”

“Ook bij Aanpak Ring Zuid hebben we de aannemers uitgedaagd om bouwmethodes te kiezen die zo weinig mogelijk hinder opleveren voor het verkeer en de omgeving.”

Communicatie

Goed communiceren over de te verwachten overlast is volgens Swanenberg belangrijk. Want hoe slim je het project ook uitvoert, overlast is onvermijdelijk. “De zuidelijke ringweg is de belangrijkste verkeersader van Noord-Nederland. Als je daar aan de slag gaat, gaat dat niet ongemerkt. De omwonenden en de verkeersdeelnemers moeten weten waar ze aan toe zijn. Als mensen zien dat iets nodig is, kunnen ze er gemakkelijker begrip voor opbrengen. In het najaar weten we hoe de aannemer de ombouw van de zuidelijke ringweg precies gaat uitvoeren. Dan gaan we alle betrokkenen zo goed mogelijk informeren.”

“Ik vind het belangrijk om eerlijk te zijn over de overlast, zodat de mensen die overlast ervaren, zich herkennen in het beeld. Je hebt niets aan een positief verhaal dat met een paar voorbeelden onderuit gehaald kan worden. We moeten ook eerlijk zijn over fouten in de communicatie, want dat is onvermijdelijk. Laat zien dat je niet foutloos bent, maar dat je wel fouten probeert te herstellen en in het vervolg probeert te voorkomen. Zorg ook dat je wegomleidingen op tijd meldt. Voorkom dat mensen op maandagmorgen ontdekken dat de situatie is gewijzigd, ook al hadden ze de formele melding ergens kunnen lezen.”

Ook tijdens de werkzaamheden moet er contact blijven met de omgeving. “In Overijssel heeft de aannemer een gebiedsconciërge ingezet. Hij is aanwezig in de buurt van de werkzaamheden en staat klaar om alle vragen te beantwoorden. Hij is heel toegankelijk, kent het gebied en kan snel handelen bij kleine ongemakken. Dat werkt heel goed. Ook bij Aanpak Ring Zuid gaan we zoiets doen. We gaan stewards inzetten. Zij worden het aanspreekpunt voor de mensen in de buurt over alles wat met de werkzaamheden te maken heeft. Belangrijk hierbij is wel een goede afstemming tussen de overheid en de aannemer. Het ergste dat je kan overkomen is partijen naar elkaar gaan wijzen.”

Wat nemen we mee naar Groningen?

Het project in Overijssel heeft Swanenberg enkele goede lessen voor Groningen geleerd. “Ten eerste moet je niet bij de pakken neerzitten als het tegenzit. Je kunt beter samen naar oplossingen zoeken en er een kans van maken. Ten tweede moet het project ten dienste staan van de ontwikkeling van de stad en de regio. Het project is maar een tijdelijke ingreep. Het gebied moet veel langer mee. Tot slot heb ik geleerd dat je niet alles vooraf moet dichttimmeren. Aannemers zijn vaak heel vindingrijk en als je elkaar de ruimte geeft ontstaan vaak de mooiste oplossingen.”

Om recreatievaart op het Reevediep mogelijk te maken, wordt een schutsluis aangelegd. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.
Om recreatievaart op het Reevediep mogelijk te maken, wordt een schutsluis aangelegd. Foto: Ruimte voor de Rivier IJsseldelta.

Dit is de zesde aflevering van onze rubriek Gluren bij de buren. Hierbij nemen we een kijkje bij andere projecten in het land. We letten op overeenkomsten en verschillen en proberen iets mee terug te nemen naar Groningen. De vorige afleveringen gingen over De Haak om Leeuwarden (aflevering 1), de oostelijke ringweg van Groningen (aflevering 2), de A2 bij Maastricht (aflevering 3), de A4 Burgerveen - Leiden (aflevering 4) en de A9 Holendrecht - Diemen (aflevering 5).

Reacties (0)

Nog geen reacties

Reageren